Wie hier gaat wielrennen, leert snel dat het profiel niet in de hoogtemeters zit maar in de windrichting. De kop van Noord-Holland is vlak en open, met dijken, polderwegen en duinen, en dat levert een soort fietsen op dat je in de rest van het land niet vindt.
De wind is het klimwerk
Een rit van zestig kilometer over de dijk bij windkracht zes voelt zwaarder dan dezelfde afstand in een heuvelgebied. Er is nergens luwte, dus je zit voortdurend op je stuur. Het voordeel is dat je leert doortrappen op tempo, en dat is precies waarom renners uit deze regio bekendstaan om hun kracht op vlak terrein. Plan de heenweg tegen de wind in, dan hoef je aan het eind niet meer op je tanden te bijten.
Routes vanuit de stad
- Over de zeewering langs het Marsdiep, met uitzicht op Texel en de schepen.
- Door het duingebied richting het zuiden, met verrassende klimmetjes.
- De polder van het Koegras, kaarsrechte wegen door bollenland.
- Langs de Waddenkust richting het oosten, met de dijk als vaste metgezel.
- Richting Callantsoog en de kop van de Zijpe voor een langere lus.
Bollenvelden in het voorjaar
In het voorjaar kleuren de velden rond Julianadorp en verder zuidwaarts door tulpen, narcissen en hyacinten. Dat is de mooiste tijd van het jaar om hier te fietsen, en het is druk op de smalle wegen met bezoekers en met landbouwverkeer. Houd daar rekening mee, want een trekker met een brede machine op een polderweg laat weinig ruimte over.
Veiligheid op open wegen
De combinatie van zijwind en vrachtverkeer op dijkwegen vraagt aandacht. Rijd niet te dicht op de rand, want een windvlaag achter een passerende vrachtwagen kan je een halve meter verzetten. Op smalle polderwegen is voorspelbaar rijden belangrijker dan snel rijden. En houd er rekening mee dat het zicht bij mist of laaghangende bewolking op de dijk snel slecht wordt.
Materiaal en zout
Fietsen aan zee betekent zout op je frame en in je ketting. Spoel je fiets na een rit langs het strand of de dijk af met zoet water en houd de aandrijving schoon en gesmeerd. Zoutschade aan lagers en kabels is een stille kostenpost die je met tien minuten werk na een rit grotendeels voorkomt.
Samen rijden
In de regio zijn wielerverenigingen en toerclubs actief die groepsritten organiseren, van rustige toertochten tot snellere trainingsgroepen. In dit gebied is samen rijden meer dan gezelligheid, want in een groep kun je afwisselen op kop en dat scheelt op een winderige dag enorm veel energie. Voor nieuwkomers is het bovendien de snelste manier om de routes te leren kennen.
Gravel en mountainbike
Niet alles hoeft over asfalt. In en rond de duinen liggen onverharde paden en er zijn routes waar een gravelbike of mountainbike beter op zijn plaats is. Kijk wel altijd of een pad is opengesteld voor fietsers, want in natuurgebieden gelden regels en zijn delen alleen voor wandelaars. Op het strand fietsen mag niet overal en niet altijd, dus check dat vooraf.
Kleding voor dit klimaat
Aan de kust is de gevoelstemperatuur op de fiets lager dan het weerbericht suggereert, zeker met wind mee vanaf zee. Een winddichte jas, een goede bril tegen zand en een muts onder de helm maken het verschil tussen een prettige rit en een vervelende. Neem in het najaar altijd een regenjack mee, want een bui komt hier over open land aanzetten en is er binnen tien minuten.
Naar het eiland
Een van de leukste dagritten is de oversteek naar Texel met de veerboot. Je fietst naar de veerhaven, gaat met de boot mee en hebt aan de overkant een eiland met eigen routes, dijken en duinen. Fietsers kunnen mee op de veerdienst, en de overtocht duurt ongeveer twintig minuten. Het is een dagtocht die je hier vanuit de voordeur kunt beginnen.


