Het Marinemuseum ligt op Willemsoord, midden op het terrein van de oude rijkswerf, en het is het soort museum waar kinderen na afloop niet weg willen. Dat komt door de schepen, want hier kijk je niet naar een vitrine maar loop je door een echte onderzeeboot.
De drie schepen
- De onderzeeboot Tonijn, gebouwd in de jaren zestig en tot in de jaren negentig in dienst.
- Het ramtorenschip Schorpioen uit 1868, met een indrukwekkend interieur.
- De mijnenveger Abraham Crijnssen uit 1937, met een geschiedenis uit de oorlog.
Alle drie zijn ze toegankelijk, en samen laten ze zien hoe de zeemacht in ruim anderhalve eeuw is veranderd.
Door de Tonijn lopen
De onderzeeboot is voor de meeste bezoekers het hoogtepunt. Je loopt door de gangen, langs de kooien, de torpedokamer en de commandocentrale, en wat je vooral voelt is de ruimte, of beter gezegd het gebrek daaraan. Dat een bemanning hier weken achtereen leefde en werkte, is iets wat je pas begrijpt als je er zelf doorheen bent gekropen. Voor mensen met claustrofobie is het een eerlijke waarschuwing.
De Schorpioen
Het ramtorenschip Schorpioen komt uit een tijd waarin oorlogsschepen nog een ram aan de voorsteven hadden en waarin de officiersverblijven met houtwerk waren afgetimmerd. Het contrast tussen het pantser aan de buitenkant en het bijna huiselijke interieur is groot. Voor liefhebbers van negentiende-eeuwse techniek is dit het mooiste schip van het museum.
Het hoofdgebouw
De vaste tentoonstelling zit in de voormalige geschutmakerij van de rijkswerf, een gebouw dat oorspronkelijk als opslagruimte werd neergezet. De expositie vertelt het verhaal van de marine en van de werf zelf, met scheepsmodellen, uniformen, wapens en objecten uit het dagelijkse leven aan boord. Dat laatste maakt het toegankelijk, want het gaat over mensen en niet alleen over materieel.
Met kinderen
Dit is een van de betere musea voor kinderen in de regio, precies omdat er zoveel te betreden is. Trappen, luiken, periscopen en smalle gangen doen meer dan een tekstbordje. Reken op minstens twee uur en houd er rekening mee dat schepen steile trappen hebben, wat met kleine kinderen en met een kinderwagen lastig is. Een draagzak werkt beter.
Praktisch bij je bezoek
Trek een halve dag uit als je alle schepen wilt zien. Trek stevige schoenen aan, want je klimt en daalt aardig wat trappen. Neem een jas mee, want tussen de schepen loop je buiten aan het water. Kijk vooraf of alle schepen op dat moment toegankelijk zijn, want er wordt aan gewerkt en dan is er soms iets tijdelijk dicht.
Combineren met de rest van Willemsoord
Het museum ligt op loopafstand van het Reddingmuseum, de museumhaven en de horeca op het terrein. Een dag Willemsoord met twee musea en een lunch tussendoor is een van de betere uitjes van de kop van Noord-Holland. Wie met kinderen komt, kan het combineren met een wandeling langs de dokken, waar altijd wel iets ligt om naar te kijken.
De geschiedenis van het gebouw
Het hoofdgebouw is zelf een deel van de tentoonstelling. Het werd in de negentiende eeuw neergezet als opslagplaats en later ingericht als werkplaats voor geschut, en de constructie van de hal is nog goed te zien. Wie oog heeft voor industrieel erfgoed, kijkt hier net zo graag naar het dak en de kolommen als naar wat eronder staat. Het museum bestaat al sinds de jaren zestig en heeft zich sindsdien in stappen uitgebreid.
Waarom dit museum hier hoort
Den Helder is de thuisbasis van de Koninklijke Marine sinds de negentiende eeuw, en de stad is gevormd door die aanwezigheid. Het museum staat daarom niet ergens in een willekeurig gebouw maar precies op de plek waar schepen werden gebouwd en onderhouden. Wie het museum bezoekt en daarna over het terrein loopt, begrijpt in een middag hoe deze stad is ontstaan.


